vrijdag 1 augustus 2014

goed en minder goed nieuws

Eerst het goede nieuws
Ik ben veilig terug in Fairbanks geraakt.
Johan en Tallan hebben in totaal zo'n 750 km over en weer gereden om dan met een pick-up truck mij en de moto terug te rijden. Uiteindelijk arriveerden we om 5.30u s'morgens terug in Fairbanks.


en dan het minder goede nieuws
Na onderzoek door de BMW-garage is ondertussen het verdict gevallen. De aandrijf-piston is beschadigd en de motor is, zonder héél grote kosten te doen, niet meer te herstellen. De objectieve waarde van de moto is niet meer genoeg om die zware kost te maken...


We zoeken nu uit:
- wat we dan wél verder met de moto van Ils gaan doen.
    (er zijn nog teveel "nieuwe" onderdelen aan om haar zomaar achter te laten)
- hoe we onze reis verder zullen zetten.


So far... We houden jullie op de hoogte!

woensdag 30 juli 2014

Hier zit ik dan


Hier zit ik dan, moederziel alleen om middernacht op 200 km van de Artic Circle.

Na 56000 km op een boogscheut van de noordpool, heeft mijn motor het begeven. Niet meer aan de praat te krijgen en we vermoeden een benzine-probleem.

Maar zoals het altijd al het geval is geweest, hebben we ook nu weer geluk bij een ongeluk;

Bij onze aankomst in Fairbanks, enkele dagen geleden, reden we toevallig langs de brandweerkazerne. Een brandweerman merkte onze interesse, even aan de praat en onmiddellijk was een bezoek aan de kazerne geregeld. Bovendien krijgen we van Talen & Forest het aanbod om in hun huis te logeren. Ze zijn allebei brandweerman/ambulancier én motorrijder.  Wanneer we zeggen dat we naar de Artic Circle willen, rijdt Talen maar al te graag met ons mee, met z’n spiksplinter nieuwe BMW GS 800.

En dat is dus ons geluk, wanneer ik in panne val, besluiten we om de eerste 30 km terug te gaan. Johan sleept mij naar de dichtstbijzijnde servicepost. Van daaruit vertrekken zij beiden terug naar Fairbanks, op zoek naar een truck om de moto op te laden. Ik blijf ondertussen  hier bij de motor. 2,5 uur terug naar de stad, over Dirt-road, truck regelen en dan 2,5 uur terug naar hier. Dan de motor opladen en weerom naar Fairbanks om hem morgen bij een moto-shop binnen te brengen. ’t Zal een lange nacht worden.

Maar om jullie niet te ongerust te maken, de midzomer-zon doet hier nog flink haar best en het is hier nu nog klaarlicht.

To hiertoe is onze trip geweldig verlopen, we reden een paar 100 km is wat lastigere weg , gravel, wegenwerken, hier en daar wat pothols. De Amerikanen waarschuwden ons langs alle kanten, ondoenbaar, lastig, pas maar op!! Maar uiteindelijk zijn we wel wat meer gewoon van in zuid amerika. Dan was er een half dagje gietende regen, maar ook dat gaat weer over en werd ruimschoots goed gemaakt door de goede ontvangst in Fairbanks & de prachtige rit naar de Artic Circle (of toch bijna).

Ge zou me hier moeten zien zitten, op het trapje voor het gesloten restaurant, bufjeke tot boven, helemaal ingepakt, typen met handschoenen omdat ik anders opgevreten wordt door de muggen.

Toch maar even op wandel, dat scheelt een pak, dan ambeteren die beesten je minder.

Meer nieuws als ik terug in Fairbanks ben.

zaterdag 26 juli 2014

link naar nieuwe foto's


https://plus.google.com/u/0/photos

Stewart & Hyder - Watson lake - Whitehorse - Destruction bay

Wat een belevenissen alweer in Stewart! We lopen Thomas tegen het lijf, met z'n 20 jaar alleen op weg met de fiets van Inuvik naar Prince Rupert.  We amuseren ons geweldig met hem, op café, aan het kampvuur en we worden ook nog eens samen "ge-Hyderised". Een inwijdingsdrankje om je officieel als bezoeker van Hyder te registreren. 75 ° pure alchohol, niet proeven, niet ruiken en ad-fundum binnen gieten en houden... Anders betaal je een toernee- general. ;-) Ook dat overleven we.
Bij het officiele beren-kijk platform treffen we geen kat (en ook geen beer), maar onderweg worden we flink verwend, we zijn ondertussen de tel kwijt geraakt van alle zwarte beren die we al zagen. Wie goed naar de foto's kijkt, kan er een paar vinden.


De afstanden beginnen nu langer en langer te worden tussen de verschillende "nederzettingen", die onstaan zijn uit tentenkampen bij de constructie van de Alaskan-highway (door amerikaanse soldaten) ten tijde van de 2de wereldoorlog. (interessante geschiedenis!) Het dorpje Watson-lake heeft 700 inwoners en is het grootste dorp in een straal van 500 km. Bij 1 van die inwoners mogen we de nacht doorbrengen. We ontmoeten Paul bij het benzinestation.Hij heeft Jeremy al opgepikt, een Fransman die eveneens vanuit Argentinië naar hier reisde, weliswaar op de fiets! Met z'n drieën slapen we in een lege woning die Paul net heeft opgeknapt om te verkopen.
Watson-lake is tevens bekend voor zijn roadsign-bos. 


En dan op naar Whitehorse, de "big City" met 30.000 inwoners.
Tijd om terug wat in de geschiedenis te duiken met een bezoek aan een oude raderboot, sternwheeler.
En dan 's avonds op de camping terwijl we verbroederen met Engelse motorijders, horen we ineens " ha, jullie moeten Johan en Ils zijn". Mark en Carina, 2 Vlaamse wereldreizigers hebben ons gevonden. We hadden al contact gehad via mail, en nu treffen we elkaar in levende lijve. Nadat zij 5 weken op hun motor gewacht hebben, konden ze kort na ons uit Vancouver vertrekken. Met 2 op een Honda Transalp 650, respect man!
We blijven samen nog lang verhalen ophalen. 6 wereldreizigers bij elkaar, die zijn niet snel uitgepraat! Bovendien bedriegt de zon onze biologische klok, het wordt hier gewoon niet meer donker. Voor we het weten is het half één s'nachts en nog steeds klaarlicht! De middernachtzon..


De volgende etappe brengt ons aan een prachtig meer omgeven door bergen en gletsjers in Destruction Bay, vlakbij het Kluane-natuurpark. Zo'n 300 kilometer verderop, een benzinestation, een restaurant, een RV- parking en dat is het dan. We krijgen een plaatsje aan de rand van het RV-camping en zijn weeral onder zeil voor de komende nacht.


Hopelijk verdwijnt het regen-weer dat we zien hangen, zodat we morgen droog de grens met Alaska kunnen oversteken... op weg naar Fairbanks. En dan naar de Artic-circle. 





zaterdag 19 juli 2014

Prince George – Steward & Haider




 

We glippen tussen de bosbranden door, terwijl ze opschuiven naar zuid/oost BC, rijden wij richting noord/west. Het gaat hier snel vooruit, we doen gemakkelijk 400 à 500 km op een dag en kunnen dan ook nog een paar bezienswaardigheden meepikken.  Na Prince – George daalt de temperatuur met zon’n 20° C en da’s best voor ons. Maar verderop in Smither keert het weer en komt er zelfs wat regen aan te pas. De camping-man laat ons onder een afdak kamperen, omdat we zoveel kilometers al achter de kiezen hebben. We nemen het aanbod dankbaar aan, zeker wanneer het ’s nachts begint te gieten. De volgende dat is het wat op en af met het weer en wanneer we in Steward arriveren zijn we behoorlijk nat. Dat kan echter onze pret niet bederven want ik heb, langs de kant van de weg mijn eerste zwarte beer gezien. ‘k ben er stilletjes voorbij gereden, stoppen was toch wat te avontuurlijk op dit moment. We zetten droog de tent op, net op tijd want de hele verdere nacht blijft het gieten. We komen pas boven water rond 11.00 uur in de ochtend, wanneer het geluid van de regen eindelijk ophoudt. Tijd voor een dagje rust, boodschappen, email, bloggen en rondslenteren in de zo afgelegen dorpje op de grens met de USA. Het plan is om morgen te gaan beren kijken.

Van hieruit zullen we zo’n 60 km terugkeren om dan verder naar het noorden te reizen.

Vancouver – Pemberton – Cache Creek – Likely - Bakerville – Prince George




 

Sinds vrijdag zijn we dus écht onderweg, het begon met een easy-going ritje van Vancouver naar Pemberton, even voorbij (het zomerse) Whistler. In Pemberton genieten we van een verkoelende zwempartij in het plaatselijke meer. Na onze eerst nacht in de “nieuwe” tent, kiezen we resoluut voor een “back-road” op aanraden van Peter. De Hurley-weg. Het duurt toch zeker een half uur voor we de techniek weer beet hebben en dan kunnen we voluit gaan.  Het is ongewoon heet in Britisch Colombia (39° ) en 200 km over gravel maken van mij een stofmannetje. Vooral omdat ik meestal als 2de rijd. We zijn op de Goldrush trail terecht gekomen en de nostalgie is nooit ver weg.  Het landschap is overweldigend mooi, maar onze kaart komt niet altijd overeen met de werkelijkheid. De brede gravel weg wordt smaller, de begroeing dichter en mijn Zuid-amerikaans trauma komt weer bovendrijven. Een paar motorcrossers zetten ons terug in de goede richting en na ettelijke uren komen we terug op de “hoofdweg”. Een klein monumentje herinnert ons aan de goudzoekers en trappers van niet eens zo lang geleden. Het duurt nog tot de late avond eer we in Cache Creek onze tent kunnen opzetten, het zwembad doet wonderen en we vinden nog energie voor een bezoek aan de enige kroeg van het dorp. Waar we verbroederen met de locals, die een uurtje moeten rijden voor ze aan de eerste pint zitten.

Na de aardbevingen, aardverschuivingen, vulkaanuitbarstingen komen daar nu ook nog eens de bosbranden bij. We zien in de verte de eerste rookwolken verschijnen en binnen een paar dagen zal de zon schuilgaan achter dikke rookslierten.  Deze week zijn er 134 brandhaarden gesignaleerd in BC.

We vallen van de ene  verbazing in de andere, niet alleen het natuurschoon en de geschiedenis raken ons, ook de gastvrijheid van de inwoners van dit land. Keith laat ons gratis zijn kampplaats delen, Jane nodigt ons uit om onze tent op haar goud-claim te zetten en Eliane en Gerry stellen hun huis en hun wasmachine ter beschikking.

Een bezoek aan Barkerville geeft ons een idee van het wel en wee van de goudzoekers van 1850 tot nu, want goud zoeken is hier een hele normale bezigheid, professioneel of hobbist, iedereen zoekt!

Langzaam vorderen we noordwaarts, wie weet waar de weg ons morgen weer brengt.

vrijdag 11 juli 2014

opgelost en klaar voor de échte start

Ondertussen zijn we terug bij Peter en Ilona in Vancouver en klaar voor de echte start naar het Noorden.


Hoe liep het af gisteren? Johan keerde na zo'n 3,5 uur terug met materiaal om de ketting te herstellen. Dan langs de BMW-shop, die gelukkig tot 20.00 uur open was.
Ondertussen was wel duidelijk dat we wat te optimistisch geweest waren. De ketting had er al zo'n 25.000 km opgelegen, 1,5 jaar stilgestaan .... misschien toch te vervangen? Even overlegd met de mechaniekers en dan toch besloten om alles ter plaatse te vervangen.  Het personeel wilde graag een half uurtje overwerken voor ons.


Nog een goei pintje en een stevige maaltijd om dan uiteindelijk om 23.00 uur bij ons gastgezin aan te komen. Foto's van de onderdelen komen via de fotolink.


Vandaag start het richting Squamisch, Whistler en verder.